Beelddenken en Dyslexie

stoel 001

Beelddenken, wat is dat?
Ieder mens is uniek. De een heeft blond haar , blauwe ogen, kort, lang, dik, dun, denkt in woorden en soms denkt in beelden.Dit is geen afwijking of aandoening of stoornis maar gewoon een manier van zijn.

Iedereen begint als beelddenker. Baby’s hebben nog geen taal en voelen en beleven de wereld met al hun zintuigen. Pas later gaan we logisch denken. Als een kind ongeveer  3 á 4 jaar oud is schakelt het brein over naar logisch beredeneren en in woorden denken. Bij een klein aantal van ons vind deze omschakeling niet plaats. Deze groep blijft primair in beelden denken. Vandaar dat we deze groep beelddenkers noemen. Dit is al bekend sinds de 80-er jaren van de vorige eeuw.

Beelddenken komt veel voor bij mensen die ADHD hebben of een Autistisch spectrum stoornis hebben. Ook de hoogbegaafden zijn vaak beelddenkers. Dyslexie en Discalculie gaat vaak gepaard met, of komt voort uit, beelddenken.

Bij Beelddenkers is de rechterhersenhelft dominant. Dit is de helft waar al het creatieve denken vandaan komt. Deze mensen beleven de wereld meer dan dat ze hem beredeneren. Ze hebben vaak een goed gevoel voor ritme, tekenen en driedimensionaal denken. Dit heeft ook vele voordelen. Ze komen vaak met oplossingen waar iemand anders niet aan heeft gedacht. Lossen vraagstukken op hun eigen manier op. Hebben alleen moeite om hun ideeën om te zetten naar woorden. Hierdoor kunnen ze soms wat traag overkomen.

Veel beelddenkers hebben een hoog (of hoger) IQ. Hierdoor kunnen ze vaak op school heel veel compenseren waardoor ze niet direct uitvallen op lees-en rekengebied. Er is echter wel een probleem aanwezig. Hierdoor raken ze op latere leeftijd,tijdens de middelbare school, alsnog in de problemen. Ze moeten dan zoveel gegevens verwerken dat hun eigen strategieën niet meer werken. Voor deze kinderen is deze methode ook erg zinvol. Ze leren er erg snel mee werken en geven er hun eigen draai aan.Voor hun is deze methode een basis om zelf hun eigen hoofd te kunnen stroomlijnen.

 

Wat is Dyslexie?

Als je aan iemand vraagt:”‘wat is dyslexie?” dan zul je meestal als antwoord krijgen:”Niet kunnen lezen”. Gedeeltelijk is dit waar maar het omvat niet het hele antwoord.

Iemand die dyslectisch is is over het algemeen een beelddenker. Een beelddenker neemt de wereld anders waar dan een woorddenker. Een beelddenker is in staat om met zijn blik uit zijn hoofd te treden en een voorwerp van alle kanten te bekijken. Hierdoor is zijn waarneming veel intenser dan van een woorddenker. Dit geld voor alles dus ook voor letters.

Een stoel is voor een klein kind een stoel. Of je de stoel nu rechtop of op-z’n-kop zet dat maakt niet uit: het blijft een stoel. Dit geld ook voor beelddenkers. Een b kan net zo gemakkelijk een d zijn of een p of een q. Als je ze draait blijft het hetzelfde. Dit geldt ook voor de u en de n. alfabet lettersHier begint het probleem al. Al die letters zijn hetzelfde maar noem je steeds anders. Als de beelddenker, of dyslect, dan de letters ontcijferd heeft dan kan hij er een woord van maken. Dit woord wordt in zijn hoofd direct omgezet in een plaatje. Het woord paard wordt in zijn hoofd een prachtig paard. Maar een woordje als ‘het”kun je niet vertalen naar beelden. Als er staat “‘het paard”dan is dat nog niet zo erg. Wordt de zin echter langer dan kan hij wel eens de weg kwijt raken. Het beeld in zijn hoofd is niet meer aan te passen aan de woorden die hij leest.

Het kan ook zijn dat hij de letters allemaal leest maar dan in zijn hoofd worden die door elkaar gehusseld en ontstaat er spontaan een ander woord. Bord kan zo brood worden of Mik wordt Kim.mik kim

Of het woord wordt wel goed gelezen maar in het hoofd wordt er een plaatje van gemaakt en dat plaatje wordt dan benoemt maar is dan toch anders dan er stond. Een kasteel wordt dan een paleis. Radend lezen wordt dit genoemd.

Woorden met meerdere betekenissen zijn daardoor voor dyslecten een groot struikelblok. Doordat ze het gesproken woord niet goed registreren treden er vaak ook problemen op met het opvolgen van opdrachten. 1 opdracht gaat goed maar bij de tweede opdracht wordt de eerste “overschreven”. Hierdoor wordt de eerste opdracht niet uitgevoerd. Dit zie je vaak terug in schoolopdrachten waarbij ze maar de halve vraag beantwoorden.

Bij dyslexie treden er diverse symptomen op:

  • Achterstand met lezen, spellen en schrijven

  • Verwarren van tijd en ruimte, moeite met plannen en organiseren.

  • Moeite met dingen begrijpen.

  • Moeite met automatiseren. Dit valt vooral op bij het leren van de tafels.

Het is belangrijk dat het kind zich begrepen voelt dat het anders denkt. Niet dat er een etiketje op wordt geplaatst: jij bent dyslectisch. Je kunt het kind wel degelijk helpen door hem te leren om zijn eigen manier van denken te gebruiken om alsnog de materie eigen te maken. Biedt niet alleen hulpmiddelen (daisy-speler, extra tijd) maar ga concreet aan de slag en geef ze handvatten zodat ze het ook zonder hulpmiddelen kunnen redden. Je kunt ze niet veranderen, en dat willen we ook niet. Beelddenkers heeft de maatschappij nodig. Zij denken creatief en vernieuwend, iets wat we in de toekomst hard nodig zullen hebben. Laat ze in hun waarde en versterk hun goede kanten.